zondag 18 november 2012

Vertrouwen terug winnen

Een schip dat je niet (meer) vertrouwt, vormt geen goede basis voor een oversteek. Terwijl ik met opa Joost, oma Marjolein en de kinderen Gran Canaria afstruin, is Chris bezig met het terug winnen van dat vertrouwen. Hoe? Door alle plekken op het schip te controleren waar water door naar binnen kan komen.
Altijd wat te vinden en te beleven op een strandje
Ondertussen ... Chris aan de bak. (Ik ook een dagje ...)
Waarom? Omdat we tijdens de overtocht van Portugal naar Marokko niet alleen heel slecht hebben gehad, maar ook liters water in de kajuit hebben gekregen. En dat is ongeveer het laatste wat je wilt. En wat je verwacht … Zeker als je - net als Chris - zo veel aan een schip hebt gedaan, waardoor je het denkt te kennen. En het zo vertrouwt dat je je gezin mee neemt over zee.

Inmiddels is het lek boven.
De oorzaak zat niet – zoals we verwachten - in de romp-dekverbinding onder de stootrand van het schip.

Strip van de stootrand eraf (zie rechtsmidden op de foto)
Stootrand eraf. Chris had dit al eens eerder op een ander gedeelte gedaan, wegens een beschadiging van het hout. Daar zat toen wel een kier tussen het dek en de romp.
Romp-dekverbinding
Alles nog keurig gepopt. Toch is alles nu opnieuw gekit. Veiligheid voor alles, zeker na zo'n incident.
Die zat nog keurig tegen elkaar aan gepopt, zonder een opening waar water door naar binnen kan. Pas nadat Chris zich in de ankerbak op de punt van het schip had gemanoeuvreerd en tegen de wanden aan duwde, vond hij het. De polyester bak, die tegen de binnenmal van het schip gepolyesterd hoort te zijn, was gedelamineerd. Hierdoor was er over een meter een kier ontstaan, vlak onder het dek.

Vervelend, maar niet desastreus. Normaal gesproken zou hier namelijk geen water bij kunnen komen. Ten eerste omdat de bak is afgesloten van het dek. Mocht er al water in de rand komen, loopt dit weer naar buiten via de zogenoemde zelflozers. Tijdens de overtocht sloeg echter het anker in de bak de houten scheidingsplank stuk. De houtsnippers verstopten de spuigaten, waardoor zo’n vierhonderd liter water in de ankerbak bleef staan. En dit zocht - keer op keer - zijn weg naar binnen.
“Eigenlijk wil je een gat zien”, zei Chris nog toen het net was gebeurd.

Dat heeft hij nu gevonden.

Gerepareerde ankerbak. Links bovenin zie je een net geverfde polyestermat. Hier zat over een meter breedte een kier (staat niet helemaal op de foto). 
Spleet zat dus net onder het dek en kierde door de enorme hoeveelheid water in de bak.

Ankerbak met voorin de ankerketting. Normaal zit die achter de scheidingsplank. De slangetjes voeren water af uit de bak, dat via een gat voorin de romp in zee komt. Dit gat was echter verstopt door houtgruis.
Pffffft (zucht van verlichting). En hebben we het vertrouwen weer terug.

Morgen gaat ons huisje weer te water. Heerlijk, want het kriebelt. Afhankelijk van het weer gaan we ergens deze week weg. Richting Sal.

Maar eerst de laatste boodschappen doen, nog even genieten van Joost en Marjolein en van het luxe leventje. En dan zee, zee en nog eens zee.

Lekker uit eten bij boulevardje van Meloneras, waarvandaan we de boot konden zien liggen op de kant.
Onze prinses aan het diner, aldus opa Joost
Opa himself
Pfffffffffft

 

donderdag 15 november 2012

Klaarmaken voor de eerste grote oversteek


Daar staat ze dan, hoog en droog. Klaar om te knippen en scheren. Ons huis is eergisteren in het zuidelijkste puntje van Gran Canaria, Pasito Blanco, uit het water getakeld. Voornamelijk voor het vernieuwen van de schroefasafdichting, een van de plekken waar water in de boot kan komen. Een andere belangrijke missie is een grondige inspectie van de romp-dekverbinding achter de houten stootrand op de zijkant van het schip. Na ons natte avontuur van Portugal naar Marokko vermoeden we namelijk dat hier – bij heftig weer - meer water dan ons lief is de weg naar binnen vindt.

Aankomst in Las Palmas. Joost, Marjolein, Martijn en Mure waren er een dag eerder dan wij
Zwoele avond in de voortuin van het lekkere appartement
Opa en oma voorlezen na vermoeiende dag, vol met zwemmen, spelen en stoeien
Boefjes Mure en Hidde bij het zwembad


Ondertussen zitten wij lekker in een volledig verzorgd appartement met Marjolein en Joost, de ouders van Chris en laten wij ons vertroetelen met liefde, aandacht en ritjes over het eiland. Ook Chris zijn broer Martijn heeft hier enkele dagen met neef Mure zijn best gedaan de kinderen wat uit te putten. Ook wilde hij aan den lijve ondervinden of oceaanvaren wel veilig genoeg is voor zijn broer en zijn gezin. Onverschrokken voer hij enkele dagen geleden met Chris de Jan van Gent van Las Palmas naar Pasito Blanco, een tocht van 35 mijl, met ruim 30 knopen wind. En nog foto’s gemaakt ook.

 
Stoere zeemannen op weg naar Jan van Gent
Klaarmaken in een bomvolle haven

Haven vol met yuppen en zeezotten, klaar voor de oversteek over de oceaan
Ter hoogte van Maspalomas, vlak voor de haven van Pasito Blanco
Spannend
Heel erg dat de boot op de kant staat, vinden we het op dit moment dus niet. Nodig wel. We staan toch aan de vooravond van onze grootste oversteek tot nu toe. Een stuk van ruim 760 mijl, oftewel zes tot acht dagen varen.

Spannend? Toch wel. Een week lang alleen water om je heen, zonder de mogelijkheid een haven binnen te vluchten, vergt vertrouwen. In elkaar, het weer en de boot. Dat eerste hebben we wel, dat tweede moeten we vlak voor ons vertrek  bekijken en de derde moeten we afdwingen. En dat doen we de komende dagen. De reparatielijst heeft nog een aanzienlijke lengte. Laat ik het zo zeggen: vooral Chris hoeft zich niet te vervelen. Naast bovenstaande reparaties van de stootrand en de schroefas, staat hieronder een greep uit de werkzaamheden:
Te doen

De motordynamo die de twee accu’s normaal opladen met stroom, zorgt momenteel alleen voor een volle startaccu. Dat betekent dat de motor wel start, maar onze energievoorziening bepaald wordt door de zonnecellen. Gevolg: geen zon, betekent beperkte stroom. Actie: uitvinden waarom de dynamo de accu niet oplaadt.

Een van de wandputtings, die onderaan de stagen zitten die de mast overeind houden, laat water door. Gevolg: natte kastjes. Actie: kitten.
De ankerbak op de punt van het schip is gedelamineerd. Gevolg: water kan via de binnenmal binnen in het schip komen. Actie: kitten en polyester plakken.

De scheidingsplank die de ankerketting en ankerbak verdeeld in twee vakken, is tijdens de overtocht naar Marokko stukgeslagen door het 25 kilogram zware anker dat erin zat. Gevolg: lijnen, anker en ankerketting zitten op een grote hoop. Actie: nieuwe plank regelen en zagen.
Het dakje in de kuip, waar wij zo lekker in weer en wind onder schuilen, laat op sommige plekken water door. Gevolg: deels natte navigatiehoek. Actie: randen opnieuw kitten.

De stekker van de autopilot op de achterkant van het schip, geeft stroom door aan de reling. Gevolg: onnodig veel energie lekt weg. Actie: andere aansluiting verzinnen en aansluiten.
Vertrek

Genoeg te doen dus. Het plan is om – als het weer het toelaat – rond 20 november richting de Kaapverdische eilanden te vertrekken. Hier zal broer Marcel 4 december aanmonsteren om ons te versterken richting Suriname. De dag erna hopen we ene Niklaas of een van zijn Pietermannen te treffen. Onze AIS heeft een pakjesboot opgepikt die momenteel richting het eiland Sal koerst.

Diezelfde AIS, die ervoor zorgt dat we via de website van Marinetraffic te volgen zijn, zal steeds minder betrouwbaar worden. Het tracksysteem werkt met bakens op de kant die komende tijd schaars zijn. Na ons vertrek zal ik wat vaker mijn best doen een update te geven via onze kortegolfradio. Wanneer we tonijn vangen bijvoorbeeld, het naar ons zin hebben en lekker mijlen maken. Geen nieuws is slecht nieuws, of nee andersom … Nou ja. Conclusie: ik probeer af en toe een update geven, maar vreest niet.
Overigens zijn we niet de enigen in dit gebied die ons klaarmaken voor vertrek naar de overkant van het water. Op 25 november vertrekken onder meer zo’n 250 boten tegelijk met de ARC vanaf Gran Canaria richting St. Lucia. Het bruist hier daadwerkelijk van de zeezotten en yuppen, die zich allemaal opmaken voor heel veel water. Dat is ontzettend leuk om te zien en mee te maken en sterkt ons …

Veel liefs, van een lekker warm eiland in de Atlantische Oceaan



Kiezelstrandje bij Maspalomas
Vandaaltjes bewerken dadelpalmen met stokken
Lekker zwembadje op steenworp afstand van appartement
Opa versieren met sinterklaasstickers
 

maandag 5 november 2012

Wat een andere wereld!

Moe, nat en verbijsterd. Zo kwamen we enkele dagen geleden aan in Marokko. We hebben dan tweeënhalve nacht gevaren en kussen nog net niet de grond waar we lopen. De eerste twee dagen van de overtocht waren zoals voorspeld, prima, met zelfs een vliegende start. "Zo had ik het in gedachten", zei Chris nog toen we het Portugese Portimao met een snelheid van 6 tot 7 knopen achter ons lieten, met een wind van opzij. "Dit is pas lekker zeilen." Ook de dag erna is niet slecht, zij het op de motor wegens gebrek aan wind. De kinderen spelen aan boord alsof het een lieve lust is en meerdere malen worden we getrakteerd op dolfijnen.

's Ochtendsvroeg in de kuip

Nat
In de tussentijd zakt de barometer aanzienlijk. Toch lijkt het verwachte lagedrukgebied op de binnengehaalde weerkaarten nagenoeg opgelost. Op een korte periode van 25 knopen wind (windkracht 5) tegen na, vlak voor de kust van Marokko. Niks alarmerends eigenlijk. Die dag pakken echter de wolken samen en vult de lucht zich met buien. Terwijl wij ons naar de kust spoeden, persen de wolken hun wind en regen verschillende malen boven ons uit. De zee stuwt langzaam de golven op tot pieken van zeker 3 tot 4 meter. De verwachte 25 knopen zwelt aan tot ver daarboven. De grote druk van de golven perst water door de kieren van schip en ongeveer overal is er binnen wel wat nat. Onder andere de bedden van de kinderen, kastjes, maar ook de omvormer van 12 naar 220 volt heeft het begeven. Als we 's nachts om 00.00 uur plaatselijke tijd aankomen, zijn we meer dan opgelucht dit onvoorspelbare weer achter ons te laten. De volgende dag likken we ons wonden in onze eerste Marokkaanse plaats ooit.

Meeuwen voeren in Safi

Marokkaanse vlag hijsen
Smerig en wonderschoon
Verdwaasd lopen we rond. Het is alsof een grote golf ons in een compleet andere wereld heeft gebracht. Safi is smerig en wonderschoon tegelijk. De oude ommuurde stad ziet er met haar wit gepleisterde huizen en lichtblauwe shutters verpauperd uit. De slingerstraatjes herbergen kioskjes met schalen vol kruiden en olijven, maar ook winkeltjes met (namaak)merkkleding. Een deel van de mannen draagt lange bruine capes met een puntmuts erop of gewaden en een versierd keppeltje. De vrouwen lopen al dan niet gesluierd of - westers ogend - in spijkerbroek met de haren los. Verwaarloosde zwerfkatjes scharrelen tussen de mensen op straat door, kindertjes spelen in modderige steegjes en heerlijke geuren komen uit kleine restaurantjes, waar je voor vijf euro je buik kunt vol eten. Even verderop laat een man zijn broek zakken voor een muur en doet zijn behoefte. Overal rijden vervallen autootjes die dienst doen als taxi, die je voor 1 a 1,5 euro rondrijden. Soms komt er een paard en wagen voorbij.


Op de achtergrond de oude stad, de Medina. Het was drie dagen lang plensweer!

Nog wat verdwaasd heerlijk bikken bij een eettentje



Badhuis
Wat een andere wereld. "Eigenlijk weet ik helemaal niks van Marokko", zeg ik tegen Chris als we door de straten lopen op zoek naar een bakkertje en wat vers drinkwater. De industriële vissershaven haven waar we zijn beland heeft geen douches en we worden geleid naar een Marokkaanse badhuis, een Hamman, om ons toilet te maken. Bij de ingang worden Lara en ik gescheiden van Chris en Hidde, die door een andere deur naar het mannengedeelte gaan. We ontkleden ons en lopen achter een Marokkaanse dame aan een dampende schemerige ruimte in, waar ze ons een badmat op de grond wijst. We krijgen twee grote emmers gevuld met warm water en een bakje om water over ons heen te gooien, de manier om je hier te wassen. Het badhuis is onderdeel van een sociaal ritueel, waar veel tijd voor wordt uitgetrokken. Naast me wast een moeder haar tienerdochter door haar een kwartier lang steeds weer in te zepen en af te spoelen. Ongelooflijk, op een gegeven moment ben je wel schoon zou je denken. Lara vindt het allemaal prachtig. Ze kliedert erop los en brult de hele Hammam bij elkaar als ik besluit dat het genoeg is.

Uitgenodigd bij een Marokkaanse familie op de (mierzoete) thee

Deze dame deed ook onze was op haar dakterras

 
Keramiekfabriek
 Hoewel de meeste mensen vriendelijk zijn, voel ik ook wel dat we hier als toerist (veel) opvallen. Als we sommige straatjes in willen, snellen mensen naar ons toe om te vragen wat we hier zoeken. Niet veilig daar dus. Alleen met de kinderen ga ik dan ook maar niet op pad. Na vier dagen Safi met veel autoritair geneuzel, water tanken via een tankauto, brandstof halen in grote jerrycans, laten we het achter ons. Op weg naar Gran Canaria, waar we Chris zijn ouders en zijn broer zullen treffen.

Nog een bad voor de volgende overtocht
Schildpadden
En die driedaagse overtocht loopt eigenlijk voorspoedig, al is het weer het ronkende beest in de krochten van ons schip dat de voortstuwing verzorgt. Toch hebben we een haat-liefde verhouding opgebouwd met de oversteken. Ze kosten energie, zeker als er golfslag staat. Maar de laatste dag is goud. Niet alleen blijven die dolfijnen komen, zelfs midden in de nacht, ook zien we Portugese oorlogsschepen (grote kwallen met meterslange giftige tentakels) drijven op de golven. Als klap op de vuurpijl krijgen we vlak voor de Canarische eilanden ruim een halve meter grote zeeschildpadden te zien, waarvan we er één redden uit een visnet. Ook een duik in de golven blijft niet uit. Toch vreemd met vierduizend meter water onder je … Maar t water is warm, de deining heerlijk en een wasbeurt geen overbodige luxe!

Het wasgoed was helaas nog nat toen we het terugkregen, dus dat moesten we onderweg drogen ...

Smoelemans

Dive in the ocean
De stakker
 's Ochtends om 07.00 uur doemen dan de Canarische eilanden op, als plukjes steen midden in de oceaan. Ongelooflijk. Sinds gister liggen we op Isla Graciosa, een van de buitenste en kleinere eilanden. Een gladde ovalen berg met aan de voet een prachtig wit dorpje, met straatjes van zand en waar de rust zelve heerst. Even op adem komen, de laatste spullen drogen en even genieten. En dan weer 140 mijl verder naar Gran Canaria …

Isla Graciosa, weer lekker warm!
Met Margeet, Andreas en Kelsey (2) van de Kama, een schip dat we in safi tegenkwamen en weer hier!
Lekker genieten van de zandpaden en zwerfkeien

zaterdag 27 oktober 2012

Hamsteren

Wat zijn we toch ongelooflijk rijk, denk ik als ik met een enorme berg aan boodschappen in een Lidl aan de kassa sta. En met 'wij' bedoel ik niet zozeer Chris en ik, maar 'wij' als Nederlanders. Achter me vormt zich een rij met voornamelijk Portugezen, die drie hooguit vijftien spullen in hun kar hebben liggen. En de mijne heeft een bergje erop. Ik was pas in het derde pad, toen er echt niks meer in kon. Geen meel meer, rijst, blikken bonen, houdbare melk. Dat moet ik de volgende keer maar halen denk ik. Als een bezetene leg ik de spullen op de band. Vol, en de kar is nog niet leeg. Ik voel ogen in mijn rug.

"Weer zo'n toerist", "waar haalt ze het geld vandaan" of misschien wel "ze moet zeker een weeshuis voeden". Wat ze moeten denken, weet ik niet, maar het kan me eigenlijk ook niks schelen. Jullie gaan geen oversteek maken. Ik moet denken aan vijf dagen non-stop varen naar de Canarische eilanden, daarna zeven dagen naar de Kaapverden waar naar verluidt bijna niks te krijgen is en daarna twee weken naar Frans Guyana. En dat met minimaal twee volwassenen en twee kinderen en het langste gedeelte zelfs met een man extra, aangezien mijn broer Marcel mee vaart. En hier in Portugal is het nou eenmaal goedkoop, althans relatief dan.

Overvolle kar
Toch voel ik me bezwaard. Ik weet inmiddels dat de gemiddelde Portugees een schrikbarend lager maandinkomen geniet dan de gemiddelde Nederlander en dat ik dus in hun ogen een rijke stinkerd ben. Niet dat ze dat laten merken, maar toch. Vijf pakken pasta, vijfentwintig verschillende blikken uiteenlopend van bonen met chorizo tot gemengde groenten, champignons tot sardientjes. Tien rollen kaak, als luchtige snack voor de nachtelijke overtochten en als tussendoortje. Twaalf pakken drinken, zakjes limonadepoeder voor de kinderen aangezien aanmaaklimonade bijna niet te verkrijgen is, wat snoepjes, aardappelpuree en dan is de kar echt vol. "Ik kan nog een tweede pakken", schiet door mijn hoofd. "Of deze betalen en dan nog n keer gaan". Maar eigenlijk durf ik gewoon niet.

223 euro graag. Ik stop mijn pas in het apparaat. Niks. "Is het Portugese?" Vraagt de caissière die op mijn pas blikt. "Nee", antwoord ik haar. "Dan doet ie het niet." Doet ie het niet, doet ie het niet? Hoezo niet? "Overal in Portugal doet ie het wel", zeg ik haar, in de hoop dat ze het verkeerd heeft. "Ja, dat klopt", antwoordt ze mij in keurig Engels, "maar hier niet." Shit. Ik til de laatste tas van de band en zet hem naast de overvolle kar. "Je kunt daar pinnen", wijst ze. Weifelend loop ik naar het apparaat in de muur. Ik heb net een deel van ons weekgeld gepind in de stad, om cadeautjes voor vijf december en de verjaardagen erna te kopen en ik vrees dat het ding mij geen tweede keer geld wil schieten.

Ontspannen
De rij achter mijn kar volgt me met hun ogen. Tweehonderd euro, toets ik. Confirm. Blubluhbluhbluh, rrriitzzzzzz. Pfffffffft. Hij doet het. Met een stapeltje tientjes en twintigjes loop ik terug naar de caissière. Ze telt ze na. Tien, dertig, vijftig. Een man achter mij met twee flessen drinken kijkt zijn ogen uit. "Jup", zie ik m denken. En geef hem eens ongelijk. Moeizaam duw ik de kar richting de uitgang. Pfffff, gelukt. Ik ben blij dat het binnen is. Althans deel 1.

De boot is inmiddels aardig afgeladen met houdbaar eten en drinken. Voor de komende oversteek naar de Canarische eilanden kunnen we nog teren op onze versvoorraad, alhoewel echt koken op een hellend schip over het algemeen geen pretje is. De laatste hamstersessie zullen we dan op Gran Canaria doen, waar we ook extra water in flessen in zullen slaan, een schaars goed op de langere oversteken. En dan moeten we ook serieus op rantsoen. Tot die tijd even kijken hoe we deze tocht weer gaan beleven … want het blijft toch n beetje spannend, elke keer weer.

dinsdag 23 oktober 2012

Afscheid

“Niet te veel huilen hoor”, zeg ik, wanneer ik mijn ouders voor hun vertrek knuffel. “We hoeven elkaar echt geen tien maanden te missen.” “Nee, dat weet ik”, antwoordt mijn moeder. “Als ik jullie te veel mis, pak ik wel een vliegtuig.” Nog even houd ik haar hand vast door het autoraam, voordat ze wegrijden richting Sevilla, waar ze nog een paar daagjes vakantie gaan vieren. Eenmaal de hoek om, prikken toch de tranen achter mijn ogen. Dat is stom! Ons vertrek uit Nederland vond ik minder moeilijk dan nu! Misschien omdat zij nu degene zijn die weggaan, en niet wij.

Chris zwaait nog vanaf de boot met Hidde en Lara.
Het wordt weer onze eerste nacht aan boord sinds twee weken. Aan de ene kant heerlijk, maar ook wennen. Het is zalig om zowel de zorg als het plezier rond de kinderen te delen. We hebben dan ook echt genoten. Van elkaar, het gemak van een ruim appartement en de prachtige omgeving. Maar nu is het tijd om door te gaan.

Balen
Eigenlijk hadden we al weg willen zijn, maar de wind blaast al dagen uit de zuidhoek, de richting die we op willen. Sinds vandaag is hij aangetrokken tot serieuze proporties en loeit hij luidkeels rond de boot. Op z’n zachtst gezegd balen. We praten elkaar moed in door te zeggen dat je dit soort wind onderweg niet wilt hebben en zeker niet uit de verkeerde richting.  En dat is maar al te waar, want de volgende oversteek is welgeteld 540 mijl van hier, ongeveer vijf dagen en nachten varen. Aan één stuk. Harde wind en hoge golven zijn dan het laatste dat je wilt.
Wachten dus … nog even. Maar niet te lang, want Chris z’n ouders en zijn broer komen begin november naar Gran Canaria. Dus wind, koest …